concert_in_cothen_2020-2021001004.jpg
concert_in_cothen_2020-2021008004.gif
concert_in_cothen_2020-2021008003.gif
Concert in Cothen
Concerten
Bezoekersinformatie
Meer over CiC
Contact
Geschiedenis
Foto's
Sponsoren en links
© 2020, Concert in Cothen
Indien u onze nieuwsbrief of jaarprogramma nog niet ontvangt, kunt u die aanvragen door een e-mail te sturen.
info@concertincothen.nl
Steun is altijd welkom op
IBAN: NL53 RABO 0312 3128 14 t.n.v. A. Bosman, Odijk
20 september 2020 - Tutti
Neemt mij in der hand, hoort in ’t kort verklaren, wat ons hier in ’t land, al is wedervaren.
concert_in_cothen_2020-2021008002.jpg
concert_in_cothen_2020-2021008001.jpg
Imaginair concert in de gedachten van Joost Zwaan:

Het ligt voor de hand om ons eerste imaginaire concert op 20 september aanstaande geheel te wijden aan ons lijflied Neemt mij in der hand, hoort in ’t kort verklaren, wat ons hier in ’t land, al is wedervaren.
Deze tekst heeft, met bijbehorende muziek, de afgelopen drie jaar vaak op de achterkant van elk programma afgedrukt gestaan, dat kan niemand van u ontgaan zijn. Maar, nog indringender, deze canon is door vrijwel elk optredend muziekgezelschap muzikaal aan de orde gesteld en soms werden wij daar dan ook nog als luisteraars actief zingend in betrokken.
                Waarom was en is dit zo belangrijk? In de eerste plaats omdat het hier gaat om Valerius’ Gedenkklank, een poëtisch-muzikale geschiedschrijving van vierhonderd jaar geleden over hoe wij onder het Spaanse juk zijn uitgekomen, compleet met aanwijzingen voor cither en gitaar voor de muzikale begeleiding. Een cultuurhistorisch monument met als speciale bijzonderheid dat het boekwerk zichzelf aanprijst en de lezer uitnodigt hetzelve ter hand te nemen om zich daaromtrent te laten voorlichten. Buitengewoon origineel.
                Maar ook als stuk muziek mag de canon er zijn en daarom is het ons voornamelijk te doen. Wij stellen ons er veel van voor hoe ons luisterpubliek zich de komende weken in de huiselijke kring gaat uitleven in een actieve beoefening van dit muzikale kleinood. Daarbij vestigen wij vooral de aandacht op de eerste en de zesde maat waarin respectievelijk een f en – een halve toon hoger – een fis voorkomen. Dat verschil moet duidelijk uitkomen! Die f (voor kenners in mineur oftewel in kleine terts gedacht – geeft de hele introductie iets ernstigs, ja, welhaast plechtstatigs. De verhoging van deze noot op het woord ‘land’ heeft daarentegen meer iets majeur-achtigs, ademt om zo te zeggen een vleugje grote terts die iets heel anders belooft. En dat ook nog vier tellen lang in plaats van die halve tel in het begin. Ja, hier wordt in hoge mate onze nieuwsgierigheid geprikkeld.
                 Bij deze aanwijzing willen wij het laten. Wij roepen u allen alleen maar op om hierop ten volle uw creativiteit bot te vieren. Dat kan ook nog op een heel andere manier: door een alternatieve tekst te bedenken die geheel en al op uw eigen wedervaren gebaseerd is, op uw hoop en verwachting of herinnering. Laat ons hier niet onkundig van, zend dit bedenksel aan ons op, misschien kunnen wij iets daarmee. Laten wij met een dergelijk contact een hoopvol begin van het nieuwe seizoen maken!


Uw reacties:

Chantal Westrate, Zeist:
         Wat ik nog wel eens zou willen horen in Cothen is een middagje vrolijke Middeleeuwse/Renaissance muziek.

Joost Zwaan:
         Ik bedacht vannacht toen ik niet slapen kon de volgende variant op Valerius’ weeklacht, je zou het een Valerius’ boodschap kunnen noemen:
                   Geef en neem geen hand,
                   Laat dat kussen varen!
                   Anders zal dit land
                   Deze klus nooit klaren

Een trouwe bezoeker:

              Ja, die Valerius. Hij ervaart de inval van Spanjaarden. In het kort te verklaren naar zijn idee, maar het duurde al met al 80 jaar. Hij heeft de Vrede van Munster in 1648 niet meer meegemaakt.

               Hij toon in zijn ‘Neder-landtsche Gedenck-clanck’ zij drooevenis voluit:
                                  Ick och arme! doe klacht op klacht,
                                  Vall’door droefheyt in onmachten.
               en
                                  Stort trane uyt,
                                  Schreyt luyde!
                                  weet en treurt! O dag! O dag!
                                  O doncker droeve dag!
                                  Wat isser al gehuyl en groot geklag!
                Maar vaak ook ziet hij lichtpuntjes en denkt aan de komende tijden:
                                  Syt nu verblijt,
                                  In dese tydt,
                                  Laet af van treurig klagen.
                of
                                 Weest nu verblyt,
                                 Te deser tyt,
                                 Wie dat gy syt,
                                 Over is ‘snachts droev’ duysteren schyn,
                                  Al onze plagen,
                                  In blyde dagen,
                                  Verandert syn.
                En hij voorziet zowaar al een nieuw seizoen ‘Concert in Cothen’
                                 Com nu met sang
                                 van soete tonen,
                                 En u met snarenspel verblyt.
                                 Een trouwe bezoeker.